CellariusHoroscope
NLNederlands

Wie was Cellarius?

De christelijke hemel van Julius Schiller op de platen 22 en 23

Julius Schiller uit Augsburg verving de figuren van de sterrenbeelden door personen en zaken uit de Bijbel. Cellarius toont twee halfronden van zijn hemel als de platen 22 en 23. Deze pagina volgt wat Cellarius er in het tekstdeel over schrijft (blz. 161 tot 166) en wat we op de platen kunnen zien.

Wat de bronnen zeggen

  • De platen 22 en 23 tonen het “Coelum Stellatum Christianum” van Julius Schiller uit Augsburg. Cellarius drukt de titel van het werk af: uitgegeven te Augsburg in het jaar des heils 1627, met keizerlijk privilege. [1]
  • De titel noemt de mensen erachter: de Uranometria van Johann Bayer (nieuw, nauwkeuriger en rijker dan de vorige), Mathias Kager voor de voorstelling, Lucas Kilian voor de figuren, Caspar Scheck voor de sterren en Andreas Aperger als drukker. [1]
  • Cellarius geeft Schillers doel: de heidense figuren (beren, draken, slangen, centauren en dergelijke heidense nietigheden) afschaffen en andere in hun plaats zetten, met namen en figuren uit de Schrift. Hij haalt Daniël 12 aan, “die wijs zijn, zullen blinken als de glans van het uitspansel”, en Isidorus van Sevilla, Lactantius en Augustinus tegen de heidense sterrennamen. [1]
  • Cellarius geeft toe dat het belachelijk kan klinken te zeggen dat Christus in Petrus staat en deze of gene heilige in kwartiel of sextiel aanziet; maar de uitdrukkingen kunnen veranderd worden, schrijft hij: men zegt dat Christus in het sterrenbeeld van Petrus staat en in conjunctie of oppositie met de ster van Mozes. [1]
  • Hij vermeldt het oordeel van Peiresc, zoals Gassendi het gaf in zijn Leven van Peiresc (boek 4, blz. 135): Peiresc prees de vroomheid, maar keurde het niet goed om omver te halen wat uit de oudste tijden was overgeleverd. Hij vreesde niet dat sterrenkundigen de oude namen zouden veranderen, omdat ze er geen winst in zouden zien. Hij had ook te Vercelli zulke oude beelden in een kerk gezien, ongeveer twaalfhonderd jaar oud, en zei dat ze de christelijke vroomheid niet schaadden. [1]
  • Cellarius’ eigen slotsom: Schiller bewees zijn vrome ijver met zijn onmetelijke arbeid, maar slaagde er niet in de oude sterrenbeelden van hun plaats te verdrijven en de zijne daar te zetten. Daarom geeft Cellarius twee halfronden, getekend naar Schillers werk: het eerste (Prius) toont het voorste deel van de hemelbol tussen de twee polen, het tweede (Posterius) het achterste deel. [1], [2], [3]
  • De christelijke hemel heeft vier delen. De planeten krijgen zeven heilige personen; de dierenriem wordt de Kring of Kroon van de Heilige Apostelen, met de twaalf apostelen in plaats van de twaalf tekens; het noordelijk halfrond is versierd met personen en zaken uit het Nieuwe Testament, het zuidelijke met die uit het Oude Testament. [1]
  • De planeten: Adam is Saturnus, Mozes Jupiter, Jozua Mars, Christus de Zon, Johannes de Doper Venus (de morgenster), Elia de Tisbiet Mercurius en de Heilige Maagd Maria de Maan. Cellarius voegt de geheugenverzen van Jacob Bartsch bij deze lijst. [1]
Coeli Stellati Christiani Haemisphaerium Prius (plaat 22)

Coeli Stellati Christiani Haemisphaerium Prius (plaat 22) · Andreas Cellarius, Harmonia Macrocosmica (1661), scan: R.H. van Gent · Publiek domein · Bron

Coeli Stellati Christiani Haemisphaerium Posterius (plaat 23)

Coeli Stellati Christiani Haemisphaerium Posterius (plaat 23) · Andreas Cellarius, Harmonia Macrocosmica (1661), scan: R.H. van Gent · Publiek domein · Bron

Enkele figuren

  • De aartsengel Michaël neemt het eerste sterrenbeeld in, bij de pool, op de plaats van de Kleine Beer. De Grote Beer wordt de “Navicula S. Petri”, het bootje van Sint-Petrus, een beeld van de katholieke Kerk onder de bescherming van Michaël. [1]
  • Het Graf van Christus is een groep van 39 sterren op de plaats van Andromeda. Koning David krijgt de plaats van de Grote Hond. Abel de Rechtvaardige, met het altaar van het offer, heeft 16 sterren op de plaats van de Vliegende Vis, de Dorado en de Grote Magelhaense Wolk. [1]

De Ark van Noach in plaats van het schip Argo

  • Cellarius schrijft dat de Ark van Noach, of de aartsvader Noach, met 43 sterren, te zien is op de plaats waar volgens de verhalen van de dichters het schip Argo van de Argonauten is geplaatst. [1]
  • Op plaat 22 staat het schip linksonder met het opschrift “Arca Noë, Al. Argo Navis” (Ark van Noach, anders Argo Navis). Dat opschrift lazen we op de plaat zelf. [2]
  • Dit is de ark die onze pagina over de Nederlandse reis om Kaap Hoorn beschrijft in het deel over de Ark van Noach en het schip Argo. [1], [2]

Wat we niet weten

  • Schillers eigen boek: we hebben het niet gelezen; alles hierboven is wat Cellarius erover schrijft en wat de platen tonen.
  • Hoe nauwkeurig de platen van Cellarius Schillers eigen gravures volgen: we hebben ze niet vergeleken.
  • Hoe tijdgenoten van Schiller en latere sterrenkundigen de christelijke hemel beoordeelden, behalve Peiresc zoals Cellarius hem weergeeft: die bronnen hebben we niet gelezen.
  • De aantallen sterren: we lazen ze in de ruwe tekstlaag van een scan en geven alleen de aantallen die duidelijk waren.

Bronnen

  1. Andreas Cellarius, Harmonia Macrocosmica (Amsterdam: Janssonius, 1660), tekstdeel, blz. 161 tot 174: “Coelum Stellatum Christianum” (exemplaar van de Biblioteca Nazionale Centrale in Florence, Internet Archive) We lazen de tekstlaag van de scan, die erg ruw is (lange s, gebroken woorden). De scan heeft een niet-commerciële licentie, dus we tonen er geen beelden uit.
  2. Wikimedia Commons: Cellarius, Harmonia Macrocosmica, plaat 22, Coeli Stellati Christiani Haemisphaerium Prius Bestandspagina gelezen: publiek domein, geen naamsvermelding vereist; bron: Van Gents platenpagina.
  3. Wikimedia Commons: Cellarius, Harmonia Macrocosmica, plaat 23, Coeli Stellati Christiani Haemisphaerium Posterius Bestandspagina gelezen: publiek domein, geen naamsvermelding vereist; bron: Van Gents platenpagina.

Bij elke bewering staat het nummer van haar bron. Gelezen op 26 oktober 2026. Wat we in een bron niet konden bevestigen, laten we weg.

Wie was Cellarius?